Een verkeerde landing na het afstappen, een misstap in de stal of een voet die blijft haken in ongelijk terrein. Voor mensen die paardrijden of met paarden werken, is de enkel een gewricht dat veel te verduren krijgt. Toch ontstaan enkelklachten niet alleen door een ongeluk. Ook herhaalde belasting, een verkeerde houding of een eerdere blessure kunnen ervoor zorgen dat je tijdens het rijden of werken pijn aan de enkel krijgt.
Heb je last van pijn aan de enkel tijdens of na het paardrijden? Dan is het belangrijk om de oorzaak te achterhalen. Een enkelblessure die niet goed herstelt, kan namelijk langdurige klachten geven en ervoor zorgen dat je minder zeker bent in het zadel of tijdens het verzorgen van je paard.
In deze blog lees je welke enkelklachten het meest voorkomen, hoe een diagnose wordt gesteld, welke behandelingen mogelijk zijn en hoe je verantwoord kunt blijven paardrijden of weer veilig kunt terugkeren in de sport.
Waarom zijn enkelklachten zo belangrijk?
De enkel vormt de verbinding tussen je onderbeen en je voet. Tijdens lopen, springen, traplopen en sporten vangt het gewricht grote krachten op. Ook tijdens paardrijden speelt de enkel een belangrijke rol. Een soepele enkel helpt je om de bewegingen van het paard op te vangen, je been stil te houden en een goede balans te bewaren.
Wie met paarden werkt, belast de enkels bovendien op veel verschillende manieren. Denk aan lopen over ongelijke ondergrond, kruiwagens duwen, stallen uitmesten, paarden laden of langdurig staan tijdens het verzorgen. Hierdoor kunnen klachten ontstaan of bestaande blessures verergeren.
De verzwikte enkel: de meest voorkomende oorzaak
De meeste enkelklachten ontstaan door een verzwikking, ook wel een inversietrauma genoemd. Hierbij klapt de voet meestal naar binnen, waardoor de enkelbanden aan de buitenzijde op rek komen of gedeeltelijk scheuren.
Een verzwikking ontstaat bijvoorbeeld wanneer je:
- verkeerd afstapt na het rijden;
- uitglijdt in de stal;
- op een ongelijke ondergrond loopt;
- van een paard valt;
- tijdens het uitmesten of voeren je voet verkeerd neerzet.
Typische klachten zijn:
- pijn aan de buitenkant van de enkel;
- zwelling;
- een blauwe verkleuring;
- moeite met lopen;
- pijn bij draaien of belasten.
De ernst kan sterk verschillen. Soms gaat het alleen om een lichte rek van de enkelbanden, terwijl bij een ernstige verzwikking meerdere banden beschadigd raken.
Andere oorzaken van enkelklachten
Niet iedere enkelklacht is het gevolg van een verzwikking. Ook andere aandoeningen kunnen pijn veroorzaken.
Peesklachten
Rond de enkel lopen verschillende pezen die zorgen voor stabiliteit en beweging. Overbelasting, veel lopen op ongelijke ondergrond of langdurige belasting kunnen leiden tot irritatie of een peesontsteking. Vaak ontstaat de pijn geleidelijk en neemt deze toe tijdens activiteit.
Gewrichtsslijtage (artrose)
Bij artrose wordt het kraakbeen in het gewricht dunner. Hierdoor kunnen pijn, stijfheid en bewegingsbeperkingen ontstaan. Hoewel artrose vaker voorkomt op latere leeftijd, kan het ook ontstaan na een oude enkelblessure.
Instabiele enkel
Na één of meerdere verzwikkingen kunnen de enkelbanden minder goed functioneren. Sommige mensen hebben hierdoor het gevoel dat de enkel steeds opnieuw “doorzakt” of instabiel aanvoelt. Dit vergroot de kans op nieuwe blessures.
Botbreuk
Niet iedere verzwikking is onschuldig. Soms blijkt er sprake van een breuk van de enkel of voet. Bij hevige pijn, een duidelijke standsafwijking of wanneer je helemaal niet meer op de voet kunt staan, is direct medisch onderzoek noodzakelijk.
Kraakbeenletsel
Door een val of een forse verzwikking kan ook het kraakbeen in het enkelgewricht beschadigd raken. Klachten zoals pijn diep in de enkel, slotverschijnselen of aanhoudende zwelling kunnen hierbij passen.
Andere oorzaken
Daarnaast kunnen onder andere zenuwbeknellingen, ontstekingsziekten, jicht of klachten vanuit de voet of het onderbeen uitstralen naar de enkel. Daarom is een goede diagnose belangrijk.
Hoe worden enkelklachten vastgesteld?
Niet iedere enkelklacht hoeft direct naar het ziekenhuis. Afhankelijk van de ernst kun je terecht bij verschillende zorgverleners.
Huisarts
De huisarts beoordeelt hoe de blessure is ontstaan, onderzoekt de enkel en bepaalt of aanvullend onderzoek nodig is.
Spoedeisende Hulp
Na een ernstige val, een forse zwelling, een standsafwijking of wanneer een botbreuk wordt vermoed, is beoordeling op de Spoedeisende Hulp nodig. Vaak worden röntgenfoto’s gemaakt om een breuk uit te sluiten.
Fysiotherapeut of Oefentherapeut
Een fysio- of oefentherapeut kan veel enkelklachten beoordelen zonder verwijzing. Er wordt gekeken naar:
- kracht;
- stabiliteit;
- beweeglijkheid;
- looppatroon;
- balans;
- sportbelasting.
Op basis hiervan wordt een behandelplan opgesteld.
Sportarts of orthopeed
Wanneer klachten langdurig blijven bestaan of wanneer een complexe blessure wordt vermoed, kan verwijzing naar een sportarts of orthopedisch chirurg nodig zijn. Soms wordt aanvullend onderzoek gedaan, zoals een MRI- of echoonderzoek.
Hoe behandel je een verzwikte enkel?
Vroeger werd vaak geadviseerd om een enkel langdurig rust te geven. Tegenwoordig weten we dat gecontroleerd bewegen meestal beter is voor het herstel.
De eerste dagen
Direct na de blessure helpt het om:
- de enkel tijdelijk minder zwaar te belasten;
- eventueel een compressieverband te gebruiken;
- de enkel regelmatig hoog te leggen;
- pijnstilling te gebruiken wanneer dat nodig is en past bij jouw situatie.
Koelen kan prettig aanvoelen en tijdelijk pijn verminderen, maar versnelt het herstel niet.
Daarna: oefenen is belangrijk
Zodra de pijn dit toelaat, is het verstandig om weer rustig te gaan bewegen. Juist hierdoor herstellen de enkelbanden en spieren beter.
Een fysiotherapeut kan helpen met oefeningen voor:
- spierkracht;
- balans;
- coördinatie;
- sprongcontrole;
- sportspecifieke belasting.
Deze balans- en stabiliteitsoefeningen verkleinen bovendien de kans op een nieuwe verzwikking. Ben je klaar bij de fysio? Dan kun je prima doorgaan met het optimaliseren van je spieren door naar een speciaal opgeleide ruitervitaal coach bij jou in de buurt contact op te nemen!
Wanneer moet je medische hulp zoeken?
Neem contact op met een arts wanneer:
- je niet op de voet kunt staan;
- de enkel scheef staat;
- de pijn zeer hevig is;
- de zwelling snel toeneemt;
- je tintelingen of gevoelloosheid ervaart;
- de klachten na enkele weken nauwelijks verbeteren;
- de enkel steeds opnieuw verzwikt.
Een tijdige diagnose voorkomt dat een relatief eenvoudige blessure uitgroeit tot een langdurig probleem.
Paardrijden met enkelklachten: wat kan wel en wat niet?
Veel ruiters willen zo snel mogelijk weer opstappen. Dat is begrijpelijk, maar het is belangrijk om dit verstandig op te bouwen.
Een pijnlijke of instabiele enkel beïnvloedt namelijk:
- je balans;
- de drukverdeling in de stijgbeugels;
- de beenligging;
- het geven van hulpen;
- je reactievermogen in onverwachte situaties.
Wanneer je onvoldoende controle hebt over je enkel, neemt niet alleen het risico op een nieuwe blessure toe, maar kan ook de veiligheid van jou en je paard in het gedrang komen.
Wanneer kun je weer rijden?
Er bestaat geen vaste termijn. Dit hangt af van de ernst van de blessure en het herstel.
Vaak kun je weer beginnen wanneer:
- normaal lopen vrijwel pijnvrij gaat;
- je voldoende kracht hebt;
- de enkel stabiel aanvoelt;
- je zonder problemen op één been kunt staan;
- je onverwachte bewegingen goed kunt opvangen.
Twijfel je hierover? Bespreek dit dan met je fysiotherapeut of sportarts.
Sportspecifieke tips voor ruiters
Een zorgverlener met kennis van de paardensport kijkt niet alleen naar de enkel zelf, maar ook naar de belasting tijdens het rijden.
Mogelijke aanpassingen zijn:
- tijdelijk kortere trainingssessies;
- starten met stappen voordat je gaat draven of galopperen;
- rijden op een betrouwbaar paard;
- een trainer laten meekijken naar je houding;
- controleren of de beugellengte nog passend is;
- tijdelijk een enkelbrace gebruiken wanneer dit geadviseerd wordt;
- extra aandacht besteden aan balans- en stabiliteitstraining naast het paard.
Ook werkzaamheden op stal verdienen aandacht. Til zware materialen zorgvuldig, draag stevige schoenen met voldoende grip en wees alert op gladde of ongelijke ondergrond.
Waarom is begeleiding door een zorgverlener met kennis van de paardensport waardevol?
Hoewel de behandeling van een enkelblessure in grote lijnen hetzelfde is voor iedere sporter, stelt paardrijden specifieke eisen aan je lichaam. Je hebt niet alleen voldoende kracht nodig, maar ook controle, stabiliteit en een onafhankelijke beenligging.
Een fysiotherapeut, sportarts of andere zorgverlener die ervaring heeft met de paardensport begrijpt welke bewegingen belangrijk zijn tijdens het rijden en kan de revalidatie daarop afstemmen. Denk bijvoorbeeld aan oefeningen die de stabiliteit in de stijgbeugels verbeteren, het op- en afstappen vergemakkelijken en je helpen om weer met vertrouwen te rijden.
Daarnaast kan zo’n zorgverlener advies geven over het moment waarop je verantwoord kunt terugkeren naar trainingen of wedstrijden en hoe je de kans op een nieuwe enkelblessure zo klein mogelijk maakt.
Blijf niet te lang met enkelklachten rondlopen
Pijn aan de enkel tijdens of na het paardrijden is vervelend, maar hoeft meestal geen reden te zijn om langdurig te stoppen met de sport die je graag beoefent. Een goede diagnose, een passend behandelplan en een rustige opbouw van de belasting zorgen er in de meeste gevallen voor dat je weer veilig kunt rijden en werken met paarden.
Blijven de klachten bestaan, verzwik je de enkel steeds opnieuw of twijfel je over de juiste aanpak? Neem dan contact op met een zorgverlener die ervaring heeft met de paardensport. Via het Zorgnetwerk voor Ruiters vind je professionals die niet alleen verstand hebben van enkelblessures, maar ook begrijpen welke fysieke belasting paardrijden en het werken met paarden met zich meebrengen.
Wil je meer weten over blessures, herstel en gezond paardrijden? Lees dan ook onze andere blogs over sportblessures, revalidatie, training en blessurepreventie binnen de paardensport.
