Pijn aan je knie door paardrijden: oorzaken, behandeling en weer veilig in het zadel

Kniepijn komt veel voor bij mensen die paardrijden. Misschien herken je het: een zeurende pijn na het rijden, moeite met opstaan na een lange stalperiode of een scherpe pijn bij het opstappen, doorzitten of springen. Ook mensen die veel met paarden werken, zoals instructeurs, stalmedewerkers en verzorgers, kunnen knieklachten ontwikkelen door de fysieke belasting.

De oorzaak van pijn aan de knie is niet altijd eenvoudig aan te wijzen. Soms ontstaat een klacht na een duidelijk ongeluk, zoals een val van een paard. In andere gevallen bouwt de pijn langzaam op door overbelasting, een verkeerde belasting of onvoldoende herstel. Een goede diagnose is daarom belangrijk om te weten wat je kunt doen om weer prettig en verantwoord te bewegen.

In deze blog lees je meer over de oorzaken van knieklachten, hoe een diagnose wordt gesteld, welke behandelingen mogelijk zijn en welke aanpassingen kunnen helpen om weer comfortabel paard te rijden.

Hoe ontstaan knieklachten?

De knie is een complex gewricht waarin botten, banden, pezen, spieren, kraakbeen en slijmbeurzen samenwerken. Omdat de knie dagelijks veel krachten opvangt, kan er op verschillende plekken een probleem ontstaan.

Bij paardrijden krijgt de knie te maken met langdurige belasting. Denk bijvoorbeeld aan:

  • een gebogen kniepositie tijdens het rijden;
  • druk van de beugel en het zadel;
  • herhaalde bewegingen tijdens training;
  • lang staan of lopen tijdens werkzaamheden rondom het paard;
  • onverwachte bewegingen van het paard.

Knieklachten ontstaan meestal door één van deze situaties:

Overbelasting van spieren en pezen

Een groot deel van de knieklachten die ontstaan tijdens sporten en bewegen zijn zogenaamde tendomyogene klachten. Hierbij spelen pezen en spieren een belangrijke rol.

Een pees verbindt een spier met een bot. Wanneer een spier of pees langere tijd meer belasting krijgt dan het aankan, kan irritatie ontstaan. Dit betekent niet altijd dat er sprake is van schade. Vaak gaat het om een verstoorde balans tussen belasting en herstel.

Voorbeelden van oorzaken:

  • ineens meer trainingsuren maken;
  • intensiever rijden of springen;
  • minder sterke bovenbeenspieren;
  • beperkte beweeglijkheid van heup of enkel;
  • onvoldoende herstel tussen trainingen.

Bij ruiters kan bijvoorbeeld pijn rondom de knieschijf ontstaan doordat de spieren rondom de heup en knie onvoldoende samenwerken tijdens het rijden.

Een acuut trauma

Een trauma betekent dat een klacht ontstaat door een plotselinge gebeurtenis. Bij paardrijden kan dat bijvoorbeeld een val zijn, waarbij de knie verdraait, overstrekt of hard wordt geraakt.

Mogelijke gevolgen van een trauma zijn:

  • een kneuzing;
  • beschadiging van een knieband;
  • een meniscusletsel;
  • een kruisbandblessure;
  • irritatie of beschadiging van pezen of spieren.

Bij een ernstig trauma is het belangrijk om de knie goed te laten beoordelen.

Welke soorten knieklachten komen voor?

Niet iedere knieklacht is hetzelfde. De plaats van de pijn en de manier waarop deze ontstaat, geven vaak belangrijke aanwijzingen.

Patellofemorale pijnklachten

Bij deze veelvoorkomende klacht ontstaat pijn rondom of achter de knieschijf. De pijn wordt vaak erger bij activiteiten waarbij de knie langere tijd gebogen is, zoals:

  • paardrijden;
  • traplopen;
  • hurken;
  • lang zitten.

Een verminderde controle van de spieren rondom de heup en knie kan hierbij een rol spelen.

Peesklachten (tendinopathieën)

Pezen kunnen gevoelig worden door herhaalde belasting. Dit kan pijn geven rondom de knie, bijvoorbeeld aan de voorkant of zijkant.

Kenmerken kunnen zijn:

  • lokale drukpijn;
  • pijn bij belasting;
  • stijfheid na rust;
  • klachten die verbeteren tijdens bewegen maar later terugkomen.

Meniscusletsel

De meniscus is een soort schokdemper in de knie. Door een verdraaiing kan deze beschadigd raken.

Klachten kunnen bestaan uit:

  • pijn bij draaien;
  • een gevoel dat de knie blokkeert;
  • zwelling;
  • moeite met volledig strekken of buigen.

Artrose van de knie

oudere leeftijd, maar kan ook ontstaan na eerdere blessures.

Klachten zijn vaak:

  • pijn bij langdurige belasting;
  • stijfheid;
  • minder bewegingsvrijheid;
  • zwelling na inspanning.

Artrose betekent niet automatisch dat bewegen moet worden vermeden. Juist aangepaste beweging en spiertraining kunnen vaak helpen.

Bandletsel

De knie bevat verschillende banden die zorgen voor stabiliteit. Vooral na een verdraaiing of val kan een band beschadigd raken.

Een belangrijke klacht hierbij is een gevoel van instabiliteit: alsof de knie “wegzakt”.

Ruitervitaal Coach Sara doet een oefening voor
Ruitervitaal Coach Sara doet een oefening voor die je kunt inzetten om je knie te trainen op stabiliteit

Hoe wordt de oorzaak van knieklachten vastgesteld?

De juiste behandeling begint met een goede beoordeling. Afhankelijk van de ernst van de klacht en het ontstaan ervan kan dit via verschillende zorgverleners.

Eerste beoordeling door huisarts, oefentherapeut of fysiotherapeut

Bij veel knieklachten is de eerste stap een bezoek aan de huisarts of een fysiotherapeut (evt de oefentherapeut). Zij kijken onder andere naar:

  • hoe de klacht is ontstaan;
  • waar de pijn zit;
  • welke bewegingen klachten geven;
  • de stabiliteit van de knie;
  • kracht en bewegelijkheid van spieren en gewrichten.

Een fysio- of oefentherapeut kan vaak goed beoordelen of de klacht past bij een probleem in spieren, pezen of de manier waarop iemand beweegt.

Onderzoek in het Ziekenhuis

Bij een ernstig trauma of klachten die niet verbeteren, kan aanvullend onderzoek nodig zijn.

Een arts kan bijvoorbeeld kiezen voor:

  • een röntgenfoto bij verdenking op botletsel of artrose;
  • een MRI-scan bij verdenking op schade aan meniscus, banden of kraakbeen;
  • aanvullend lichamelijk onderzoek door een orthopeed.
  • Een MRI is echter niet altijd nodig. De combinatie van het verhaal, lichamelijk onderzoek en het verloop van de klachten bepaalt meestal welke onderzoeken zinvol zijn.
  • Wanneer naar de spoedzorg?
  • Bij sommige situaties is het verstandig sneller medische hulp te zoeken, bijvoorbeeld:
  • na een ernstig ongeval;
  • wanneer de knie zichtbaar vervormd is;
  • bij een knie die volledig blokkeert;
  • wanneer je niet meer kunt steunen op het been;
  • bij snel toenemende zwelling of ernstige pijn.

Welke behandeling past bij welke knieklacht?

De behandeling hangt af van de oorzaak. Er bestaat geen standaardoplossing voor alle knieklachten. Het is daarom belangrijk om eerst een goede diagnose te laten stellen door een (para-)medische professional voor je zomaar gaat trainen. 

Bij spier- en peesklachten

Bij tendomyogene klachten ligt de nadruk meestal op herstel door gecontroleerde belasting.

Mogelijke onderdelen van de behandeling:

  • oefentherapie;
  • verbeteren van spierkracht;
  • verbeteren van bewegingspatronen;
  • aanpassen van trainingsbelasting;
  • begeleiding bij het opbouwen van activiteiten.

Volledige rust is meestal niet de beste oplossing. Het lichaam heeft juist passende belasting nodig om sterker te worden.

Bij letsel aan banden of meniscus

De behandeling hangt af van het type en de ernst van het letsel. Sommige klachten herstellen goed met fysiotherapie en een gericht opbouwprogramma. Bij bepaalde ernstige beschadigingen kan een operatie worden overwogen. Een orthopeed besluit in dat geval samen met de patiënt welke behandeling het beste past.

Bij artrose

Ook bij artrose is blijven bewegen belangrijk. Een fysiotherapeut kan helpen met:

  • krachttraining;
  • conditieopbouw;
  • aanpassen van belasting;
  • praktische adviezen voor dagelijkse activiteiten en sport.

Helpt training niet voldoende? Dan kan een orthopeed besluiten tot een operatie. 

Kniepijn en paardrijden: wat kun je zelf aanpassen?

Paardrijden vraagt specifieke aandacht wanneer je knieklachten hebt. Het doel is meestal niet om direct helemaal te stoppen, maar om de belasting beter af te stemmen.Hieronder wat tips waar je naar kunt kijken om zo snel mogelijk weer richting pijnvrij paardrijden te gaan!

Controleer je houding en beenpositie

Een te korte of te lange beugel kan extra druk op de knie geven. Ook spanning in het been kan ervoor zorgen dat de knie minder natuurlijk beweegt.

Een instructeur of gespecialiseerde fysiotherapeut kan helpen om je houding en zit te beoordelen.

Kijk naar je materiaal

Het zadel, de beugelriemen en de afstelling kunnen invloed hebben op je belasting. Kleine aanpassingen kunnen soms al verschil maken.

Bouw belasting rustig op

Na een knieblessure is het belangrijk om niet te snel terug te keren naar het oude niveau.

Een goede opbouw kan betekenen:

  • eerst korte rustige ritten;
  • daarna langere trainingen;
  • later pas intensievere oefeningen zoals springen of zware dressuurtraining.

Vergeet het werk rondom het paard niet

Niet alleen het rijden belast de knie. Ook:

  • mesten;
  • voeren;
  • poetsen;
  • tillen;
  • lang staan

tellen mee in je totale belasting.

Houding en Zitles door een van onze ruitersportprofessionals

Weer paardrijden met knieklachten

Kniepijn betekent niet automatisch dat je moet stoppen met paardrijden. Met de juiste begeleiding kunnen veel ruiters hun sport blijven beoefenen.

Omdat paardrijden een specifieke sport is, kan het waardevol zijn om hulp te zoeken bij iemand die begrijpt welke bewegingen en belasting hierbij horen. Een zorgprofessional met kennis van de paardensport kan niet alleen naar je knie kijken, maar ook naar je houding, techniek, trainingsopbouw en de samenwerking tussen jou en je paard.

Heb je pijn aan je knie tijdens of na het paardrijden? Via de zorgzoeker van Stichting Zorgnetwerk voor Ruiters vind je professionals die ervaring hebben met ruiters en paardensportgerelateerde klachten.

Wil je meer lezen over blessures, training en gezondheid binnen de paardensport? Bekijk ook onze andere blogs over herstel, preventie en verantwoord bewegen met paarden.